Oorlog in Oekraïne

Op 24 februari 2022 viel Rusland buurland Oekraïne binnen. Het was de eerste keer in de geschiedenis dat er een gewapend conflict plaatsvond in de omgeving van nucleaire installaties. Talrijke gebeurtenissen, zoals beschietingen, luchtaanvallen, problemen met de personeelsbezetting en de arbeidsomstandigheden, en het uitvallen van de externe stroomvoorziening, hebben gevolgen voor de nucleaire veiligheid en beveiliging ter plaatse.

Twee nucleaire faciliteiten kwamen onder controle van de Russische strijdkrachten: de kerncentrale van Tsjernobyl (van 24 februari tot 31 maart 2022) en de kerncentrale van Zaporizja (op 4 maart 2022), die momenteel nog steeds onder controle van de Russische Federatie staat. Het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) nam onmiddellijk maatregelen om de kritieke situatie op het gebied van nucleaire veiligheid en beveiliging te helpen stabiliseren en een nucleair ongeval in Oekraïne te voorkomen.

Huidige radiologische situatie

Voor Oekraïne:

Tot nu toe zijn de stralingsniveaus op alle nucleaire sites in Oekraïne binnen de normale grenzen gebleven en zijn er geen nucleaire of radiologische incidenten gemeld. Deze analyse heeft betrekking op alle nucleaire sites, dus ook de sites die tijdens de gevechten beschadigd of getroffen werden, zoals de kerncentrale van Zaporizja, de site van Tsjernobyl, het nucleair instituut in Kharkiv en de opslagplaats voor radioactief afval in de buurt van Kiev.

Voor België:

Wat België betreft, werd door de Telerad-meetstations van het FANC geen abnormale stijging van de stralingsniveaus gemeten. Voorlopig hebben de gebeurtenissen in Oekraïne dus geen impact gehad op de Belgische bevolking en het leefmilieu, en hoeven er geen specifieke maatregelen te worden genomen met betrekking tot België. 

Raadpleging van radiologische metingen

In België wordt radioactiviteit continu gemeten via de 254 Telerad-meetstations van het FANC. Die zijn verspreid over ons ganse grondgebied. De gegevens kunnen in real time worden geraadpleegd via www.telerad.be.  

De Europese Unie beschikt ook over een netwerk voor de uitwisseling van radiologische meetgegevens tussen een aantal deelnemende landen, waaronder ook België. Dit netwerk kan in real time worden geraadpleegd via https://remap.jrc.ec.europa.eu/Simple.aspx.

Wat is het risico voor België?

In geval van een nucleair incident gelden binnen een straal van 20 à 30 kilometer van de nucleaire site maatregelen zoals schuilen en evacueren. Binnen een straal van 100 kilometer is de inname van jodiumtabletten aangewezen.

Het risicobeheer zal dus voornamelijk op het Oekraïense grondgebied of dat van zijn buurlanden plaatsvinden. Voor België is er geen onmiddellijk risico: schuilen, evacueren en jodiumtabletten zijn niet aan de orde. Voor het Belgische grondgebied zouden de maatregelen grotendeels gelijkaardig zijn aan degene die werden getroffen na het kernongeval in Fukushima: toezicht op de voedselketen en continue monitoring van radioactiviteit op ons grondgebied.

Oekraïne: stand van zaken

1. Kerncentrales

Oekraïne beschikt momenteel over vijftien kernreactoren in uitbating, verspreid over vier verschillende locaties - Rivne, Khmelnytskyy, Zuid-Oekraïne en Zaporizja (onder Russische controle). Het grootste risico in termen van radioactieve lozingen betreft die reactoren in uitbating en de splijtstofdokken. Indien die kerncentrales ernstige schade zouden oplopen, zouden de stralingseffecten België niet kunnen bereiken.

Nucleaire installaties
Nucleaire installaties in Oekraïne ©ASNR 

De huidige Oekraïense kerncentrales zijn watergekoeld. Dat betekent dat een ongeval zoals in 1986 in Tsjernobyl plaatsvond, onmogelijk is, aangezien de reactor van Tsjernobyl toen grafiet als moderator gebruikte. Door het verbranden van het grafiet tijdens het ongeluk kwamen radioactieve stoffen in de lucht terecht, die zich vervolgens via de verschillende luchtstromen over een zeer groot gebied verspreidden.

Kerncentrales zijn robuuste gebouwen die tests hebben doorstaan tegen extreme natuurverschijnselen. De veelvuldige veiligheidssystemen van kerncentrales zijn in staat de veiligheidsfuncties te garanderen, zelfs als een deel van de centrale zou worden beschadigd.

Een kerncentrale kan op een indirecte manier wel de gevolgen van een conflict ondervinden. Bijvoorbeeld als gevolg van stroomuitval, slecht onderhoud of gebrek aan personeel. Bij een mogelijke uitval van het elektriciteitsnet in Oekraïne beschikken de reactoren over noodgeneratoren waarmee ze gedurende een bepaalde periode in een veilige toestand kunnen blijven. Die back-upsystemen werden versterkt na het incident in Fukushima Daiichi.

Kerncentrale van Tsjernobyl

ChernobylDe kerncentrale van Tsjernobyl bevindt zich in het noordelijke deel van Oekraïne. Eén van de vier reactoren van de centrale werd bij het ongeluk in 1986 vernietigd. Een sarcofaag en een extra koepel (New Safe Confinement) werden over de vernielde reactor geplaatst. De andere drie reactoren werden in 2000 definitief stopgezet en de splijtstof werd uit de reactoren verwijderd. In de regio van Tsjernobyl bevinden zich ook opslagplaatsen voor verbruikte splijtstof en ander nucleair afval.

Op 27 februari 2022 meldde de Oekraïense nucleaire regulator (SNRIU) aan het IAEA dat het hogere stralingsniveaus op de site van Tsjernobyl had waargenomen. Dit was waarschijnlijk het gevolg van zwaar militair materiaal dat over besmette delen van de site vervoerd werd. Het SNRIU heeft zijn meetresultaten vervolgens aan het IAEA overhandigd. Het IAEA schaalde de meetresultaten uiteindelijk laag in en oordeelde dat deze overeenstemden met de achtergrondniveaus uit de omgeving.

Op 9 maart 2022 meldde SNRIU dat de stroomvoorziening op de site van Tsjernobyl was weggevallen. De noodgeneratoren, aanwezig op de site, kunnen de stroombevoorrading van de kritieke veiligheidssystemen tijdelijk overnemen. Uit de stresstest uitgevoerd op de installaties na het incident in Fukushima, blijkt dat er bijkomende maatregelen zijn getroffen om, in dergelijke situaties, de veiligheid te blijven garanderen. Mocht de stroombevoorrading niet kunnen worden heropgestart, zouden de splijtstofdokken slechts in beperkte mate opwarmen. Dat betekent dat de kans op eventueel risico van radioactieve uitstoot uiterst beperkt is. Op 14 maart 2022 verklaarde SNRIU dat de centrale weer op het net was aangesloten nadat technici de stroomvoorziening hadden hersteld.

Op 31 maart 2022 informeerde SNRIU het IAEA dat het merendeel van de Russische troepen zich hadden teruggetrokken van de site van Tsjernobyl en de controle opnieuw hadden overgelaten aan het Oekraïense personeel.  Van 24 februari tot eind maart bevond de site zich onder Russische controle.

Sinds januari 2023 is er een constante aanwezigheid van het IAEA op de site van Tsjernobyl, om te waken over de nucleaire veiligheid en beveiliging en onafhankelijk te rapporteren over de situatie ter plaatse.

In de nacht van 13 op 14 februari 2025 was er een drone-inslag op de koepel (New Safe Confinement) die de in 1986 ontplofte kernreactor van Tsjernobyl omhult. Er ontstond een brand en de buitenbekleding van de koepel werd beschadigd. De koepelstructuur is bedoeld om de kernreactor nog honderd jaar te isoleren. Er wordt gewerkt aan een plan om de koepel volledig te herstellen tegen 2030. Ondanks de schade bleven de stralingsmetingen na de drone-inslag op een normaal niveau.

Kerncentrale van Zaporizja

De kerncentrale van Zaporizja heeft 6 reactoren en bevindt zich in zuiden van het land. De centrale wordt sinds 4 maart 2022 gecontroleerd door Russische troepen, maar wordt nog steeds uitgebaat door Oekraïens personeel van Energoatom, de exploitant van de centrale. Sinds de bezetting dooZaporizhzhya-NPPr de Russische troepen vinden er regelmatig bombardementen plaats op de site van de centrale.

SNRIU verklaarde op 4 maart 2022 dat rond 1 uur 's nachts gevechten waren uitgebroken op de site. Als gevolg daarvan brak er brand uit in een bijgebouw op de site van de centrale. De hulpdiensten konden de brand blussen. Die heeft geen impact gehad op de veiligheid van de installaties en er werd geen verandering gemeld in de stralingsniveaus ter hoogte van de centrale.

Op 6 augustus 2022 uitte Rafael Grossi, de directeur-generaal van het IAEA, zijn bezorgdheid over de situatie in Zaporizja, naar aanleiding van de heviger wordende gevechten in de buurt van de nucleaire site. Volgens het IAEA hadden de beschietingen geen directe schade toegebracht aan de reactoren en de verbruikte splijtstof die op de site ligt opgeslagen en werd er ter plaatse geen radioactieve uitstoot gemeten, maar worden door dit conflict wel alle "seven indispensable pillars of nuclear safety and security" geschonden.
Op 10 augustus 2022 publiceerde een technische werkgroep van de WENRA een analyse waarin de conclusies van het IAEA werden bevestigd.

Sinds september 2022 is er een constante aanwezigheid van het IAEA op de site van Zaporizja, om te waken over de nucleaire veiligheid en beveiliging en onafhankelijk te rapporteren over de situatie ter plaatse.

Ondanks de precaire situatie door de aanhoudende bombardementen, heeft er momenteel  geen enkele radioactieve uitstoot plaatsgevonden op de site. Er is geen toename van de radioactiviteit vastgesteld door de meetnetwerken in de buurt van de centrale. Het sitepersoneel heeft telkens ingegrepen om de situatie, in de mate van het mogelijke, te herstellen.

Kerncentrales produceren energie, maar hebben zelf ook een constante externe elektriciteitsvoorziening nodig, onder meer om de koel- en veiligheidssystemen te voeden. Omdat de externe stroomtoevoer als gevolg van de bombardementen regelmatig wegvalt, werden alle 6 reactoren van de centrale op 12 september 2022 in cold shutdown geplaatst. Dat betekent dat er geen kernsplijting meer plaatsvindt, maar dat er wel nog altijd warmte door radioactief verval wordt gegenereerd, waardoor voortdurende koeling nodig is. De centrale blijft dus stroom nodig hebben om essentiële veiligheidsfuncties te kunnen garanderen. De kerncentrale van Zaporizja heeft de voorbije jaren al meermaals de verbinding met het externe elektriciteitsnet verloren. De noodgeneratoren traden telkens in werking en konden de koel- en veiligheidssystemen draaiend houden.

Op 6 juni 2023 werd de dam bij Nova Kachovka, in het zuiden van Oekraïne, verwoest. Het stuwmeer achter de dam levert ook koelwater voor de kerncentrale van Zaporizja. Volgens het IAEA veroorzaakte de instorting van de dam geen onmiddellijk risico voor de nucleaire veiligheid. Naast het stuwmeer heeft de kerncentrale van Zaporizja nog verschillende alternatieve waterbronnen. Een belangrijke daarvan is het grote koelbekken naast de site, dat zo is ontworpen dat het waterpeil altijd boven dat van het reservoir blijft. Aangezien de reactoren al lange tijd stilliggen, zijn ze sterk afgekoeld en is er minder koeling nodig dan bij operationele kernreactoren. Bovendien volgt het IAEA de beschikbare koelwatervoorraden regelmatig ter plaatse op.

Kerncentrale van Zuid-Oekraïne
South-Ukraine-NPP-IAEA
De directeur-generaal van het IAEA, Rafael Mariano Grossi, in de kerncentrale van Zuid‑Oekraïne, samen met hoge vertegenwoordigers van de Oekraïense regering en personeelsleden, 29 maart 2022.

De kerncentrale van Zuid-Oekraïne ligt op ongeveer 250 km van de kerncentrale van Zaporizja. Op 19 september 2022 veroorzaakten beschietingen een explosie op zo'n 300 meter van de Zuid-Oekraïense kerncentrale, waarbij drie elektriciteitsleidingen werden geraakt en ramen op de site werden beschadigd. Onder de getroffen elektriciteitsleidingen bevond zich geen enkele van de 750 kilovolt (kV)-leidingen die de centrale met het net verbinden. Energoatom, de Oekraïense uitbater van de kerncentrale, verklaarde dat de drie reactoren van de centrale normaal bleven werken en dat er geen medewerkers gewond raakten. De drie elektriciteitsleidingen werden na korte tijd automatisch weer aangesloten.

Sinds januari 2023 is er een constante aanwezigheid van het IAEA op de site van de kerncentrale van Zuid-Oekraïne, om te waken over de nucleaire veiligheid en beveiliging en onafhankelijk te rapporteren over de situatie ter plaatse.

Kerncentrales van Khmelnytskyy en Rivne

Op 16 november 2022 meldde het IAEA dat - door de aanhoudende militaire acties tegen het Oekraïense energienetwerk - de kerncentrales van Khmelnytskyy en Rivne, gelegen in het westelijke deel van Oekraïne, hun externe stroomtoevoer tijdelijk hadden verloren. De kerncentrale van Khmelnytskyy verloor haar volledige stroomtoevoer en moest dus tijdelijk een beroep doen op de nooddieselgeneratoren. Bij de kerncentrale van Rivne viel de externe stroomtoevoer tijdelijk gedeeltelijk weg. 

Sinds januari 2023 is er een constante aanwezigheid van het IAEA op de sites van Khmelnytskyy en Rivne, om te waken over de nucleaire veiligheid en beveiliging en onafhankelijk te rapporteren over de situatie ter plaatse.

2. Opslaginstallaties voor radioactief afval

Oekraïne beschikt ook over verschillende opslagplaatsen voor radioactief afval. Dit materiaal komt niet uit de kerncentrales en bestaat hoofdzakelijk uit laagradioactief afval afkomstig van ziekenhuizen en de industrie.

Tijdens de eerste dagen van het conflict maakten de Oekraïense autoriteiten melding van raketaanvallen op de opslagplaatsen voor radioactief afval in Kiev en Kharkiv. De autoriteiten verklaarden ook dat de aanvallen geen schade aan de opslagplaatsen hadden toegebracht. Er was dus geen radiologische impact. Indien een opslagplaats toch beschadigd zou raken, zou dat slechts een lokale radiologische impact hebben.

3. Onderzoekscentra

Ook de verschillende nucleaire onderzoekscentra in Oekraïne zijn in het bezit van radioactief materiaal. Volgens SNRIU werd een onderzoekscentrum in Kharkiv na beschietingen beschadigd in maart 2022. De apparatuur die in dit centrum werd gebruikt, diende niet alleen voor onderzoek maar ook voor de productie van medische radio-isotopen. SNRIU bevestigde dat er geen radiologische impact was.

In november 2022 voerde het IAEA een eerste missie uit naar het onderzoekscentrum in Kharkiv om er de nucleaire beveiligings- en safeguardsaspecten te analyseren. Hoewel de site zwaar beschadigd was als gevolg van de talrijke bombardementen, werden er geen abnormale stralingsniveaus gemeten.

In januari 2023 meldde het IAEA dat het nucleaire onderzoekscentrum in Kiev beschadigd werd tijdens bombardementen. Op de site staat een ontmantelde onderzoeksreactor. De reactorkern is opgeslagen in een opslagfaciliteit voor verbruikte splijtstof op de site. Volgens het IAEA raakte er niemand gewond en werden er geen abnormale stralingsniveaus gemeten.

Opvolging van de situatie door het IAEA

Sinds het begin van het conflict herhaalt het IAEA dat, op het vlak van nucleaire veiligheid en beveiliging, de situatie in Oekraïne "zeer verontrustend" blijft. De herhaaldelijke aanvallen op de energie-infrastructuur, ook ver van de frontlijn, vormen een verhoogd risico op black-outs en dus op verlies van externe stroomvoorziening voor nucleaire installaties en monitoringsystemen.

De directeur-generaal van het IAEA, Rafael Grossi, spant zich al jaren in om de verschillende partijen die betrokken zijn bij het conflict rond de tafel te krijgen en hen ertoe aan te zetten de veiligheid en beveiliging van de nucleaire installaties van het land te waarborgen.

Rafael-Mariano-Grossi-IAEA-press-briefing-Ukraine
De directeur-generaal van het IAEA, Rafael Mariano Grossi, tijdens een internationale persbriefing over de situatie in Oekraïne, op het hoofdkantoor van het IAEA in Wenen (Oostenrijk), 12 september 2022.

Sinds 2023 zijn er permanent teams van het IAEA aanwezig op de sites van de Oekraïense kerncentrales en heeft het IAEA bovendien een alomvattend hulpprogramma voor Oekraïne. Het IAEA levert regelmatig apparatuur die nodig is voor de nucleaire veiligheid en beveiliging in Oekraïne en biedt medische hulp aan het personeel van de Oekraïense kerncentrales.

Waar haalt het FANC zijn informatie vandaan?

  • Het FANC volgt nauwlettend de situatie in Oekraïne op en verkrijgt informatie via zijn internationale informatienetwerk. Het belangrijkste aanspreekpunt tijdens deze crisis blijft het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) in Wenen, dat de situatie op de voet volgt en in permanent contact staat met alle partijen in Oekraïne. Het IAEA publiceert zeer regelmatig updates over de nucleaire situatie in het land via zijn website: www.iaea.org.
     
  • Op internationaal en Europees niveau wisselt het FANC technische informatie uit en toetst het zijn eigen info af met andere nucleaire regulatoren. Die uitwisselingen vinden hoofdzakelijk plaats via Europese platforms, zoals de groep van Europese regulatoren (ENSREG), de vereniging van regulatoren van West-Europese landen (WENRA), en de HERCA-groep, die voornamelijk de radiologische opvolging doet binnen Europa. 
     
  • De Oekraïense nucleaire regulator (SNRIU), de tegenhanger van het FANC, brengt ook regelmatig verslag uit over de situatie: www.snriu.gov.ua/eng.
      
  • Op nationaal niveau onderhoudt het FANC nauwe contacten met zijn nationale partners, zoals zijn technisch filiaal Bel V, nucleair onderzoekscentrum SCK CEN, het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) en het Nationaal Crisiscentrum (NCCN).
Laatst aangepast op: