NL : FR
 RSS
Arrow Sitemap

Onze missie 

' Het FANC bevordert de doeltreffende bescherming van de bevolking, werknemers
en het leefmilieu tegen het gevaar van ioniserende straling '.

RADON

Radiotherapie

Index

Incidentmeldingen


FANC-richtlijnen voor incidentmeldingen
Overleg "Incidentmelding in Radiotherapie" - 03/09/2010

Op vrijdag 3 september 2010 organiseerde het FANC – mede op vraag van het College der Geneesheren Radiotherapie - een overleg rond melding van incidenten en uitwisseling van informatie in de radiotherapie. Klik hier voor meer informatie betreffende

  1. Historiek en context
  2. Programma en presentaties overleg 03/09/2011
  3. Conclusies van de meeting
  4. Werkgroep Externe communicatie

Het Agentschap onderschrijft het belang van incidentmelding, -registratie en -analyse vanuit de overtuiging dat ervaringsuitwisseling bijdraagt tot preventie.  Door de uitwisseling van informatie over de oorzaken en gevolgen van (bijna-)incidenten, kan de ervaring die lokaal wordt opgedaan in één radiotherapie afdeling de hele sector ten goede komen. Vanuit dit oogpunt publiceert het Agentschap op haar website (geanonimiseerde) informatie met betrekking tot de aan het Agentschap gemelde incidenten en stelt het tevens alle informatie die het ontvangt m.b.t. incidenten of ongevallen die zich in het buitenland hebben voorgedaan, ter beschikking van alle radiotherapiediensten van het land.

Zo stelt de United States Nuclear Regulatory Commission (US NRC) jaarlijks een rapport op voor het Congres betreffende “Abnormale Voorvallen” in de nucleaire sector, inclusief de anomalieën in de radiotherapie. Het laatste rapport is nu beschikbaar. Het betreft hier vooral behandelingen van de schildklier met jodium 131 en brachytherapie van de prostaat met jodium 125-zaadjes.

Website: www.nrc.gov
Kies NRC Library
Click op Document Collections
Ga naar Congressional Documents
NUREG-Series Publications
Publications prepared by NRC-staff
NUREG-0090

 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2014


Het FANC werd via het online meldingsformulier op de website op de hoogte gebracht van 2 incidenten ten gevolge van een foutieve patiëntidentificatie.

Tijdens een bestralingssessie kreeg een patiënt eerst de eigen (voorgeschreven) dosis toegediend, en aansluitend per vergissing eveneens het eerste bestralingsveld van een volgende patiënt. Dit was technisch mogelijk omdat de tafelparameters van de bestralingen van beide patiënten binnen de toleranties lagen van het Record & Verify-systeem.

Gelet op de relatief gelijkaardige bestralingsvelden en het feit dat de fout slechts tijdens één fractie gebeurde, is er geen risico naar tumorcontrole, noch naar acute of late schade.

Om herhaling van het gebeurde te vermijden, werd het incident besproken en geanalyseerd op een werkoverleg met verpleegkundigen, artsen en stralingsfysici, en werd nogmaals het belang benadrukt van concentratie tijdens de patiëntbehandelingen.

Daarnaast deed het FANC volgende aanbevelingen:

  • De verpleegkundige die de sleutel omdraait aan de console dient steeds bij aanvang van de bestraling eerst aan zijn/haar collega-verpleegkundige de naam van de patiënt te vragen die op de tafel ligt. Pas indien de naam van de te bestralen patiënt mondeling wordt meegedeeld én deze patiënt ook opgeroepen wordt in het verificatieprogramma, mag de bestraling van start gaan.
  • De collega-verpleegkundige neemt alle andere taken op zich zodat de consoleverpleegkundige zich ten volle op zijn/haar taak kan concentreren.

Bij een incident in een ander radiotherapiecentrum kreeg een patiënt de bestralingsvelden toegediend van een andere patiënt. Het betrof patiënten met dezelfde pathologie, zij het aan de andere lichaamszijde. Het feit dat de verpleegkundige tot tweemaal toe een andere naam afriep en dat het toestel een andere bestralingspositie aannam dan gewoonlijk, lokte bij de betrokken patiënt evenwel geen enkele reactie uit.

Door login-problemen in het Record & Verify-systeem verscheen de foto van de te verwachten patiënt niet op het scherm. De foto op de bestralingsfiche daarentegen was wel duidelijk herkenbaar en zichtbaar voor de verpleegkundigen, maar leidde om onduidelijke redenen niet tot het ontdekken van de patiëntverwisseling.

De foutief bestraalde patiënt had wel degelijk tatoeagepunten op de huid, maar deze werden verkeerdelijk aanzien voor schoonheidsvlekken, doordat de verwachte patiënt bestraald werd onder een nieuw behandelingsprotocol dat recent ingevoerd werd op de dienst en waarbij geen tatoeagepunten meer aangebracht worden.

De bestraling van de foutieve patiënt werd uiteindelijk stopgezet doordat de juiste patiënt zich met vertraging aanbood aan de console van het bestralingstoestel en de verpleegkundigen zich plots bewust werden van de verwisseling.

Er zijn geen gevolgen te verwachten op het medische vlak voor beide patiënten. Om herhaling van het gebeurde te vermijden, gebeurde er een debriefing van het incident door het REX-comité en werden volgende correctieve maatregelen gepland of geïmplementeerd op de betrokken dienst:

  • Een actieve sensibilisatie van het personeel m.b.t. het belang van patiëntidentificatie
  • Het actief betrekken van de patiënt bij diens identificatie door het stellen van open vragen, zoals "Wat is uw naam?"
  • De installatie van “IDENTIFY”, een identificatie-waakzaamheidsprogramma

Deze en andere incidenten die in het verleden gemeld werden aan het FANC tonen aan dat patiëntidentificatie een zwakke schakel is en blijft in de zorgketen.

Risicofactoren voor patiëntverwisselingen in radiotherapie blijken onder andere (niet-exhaustief):

  • Het ontbreken of de ontoereikende naleving van afspraken of procedures voor het voorkomen van verwisselingen
  • Inadequate identificatie en verificatie
  • Het niet actief betrekken van de patiënt bij de verificatie
  • Geen gestructureerde communicatie
  • Respect insuffisant des conventions et des procédures
  • De neiging van het verplegend personeel om op de patiënt te vertrouwen (de verwachting dat de patiënt wel zal reageren bij een foutieve identificatie)
  • Het niet herkennen van patiënten met bradyfrenie
  • Het uitblijven van een reactie bij een onvolledig dossier, bijv. een ontbrekende foto
  • Een slechte planning: patiënten met dezelfde naam of dezelfde pathologie vlak na elkaar
  • Tijdsdruk

 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2013


Op 29 januari 2013 liep de ontmanteling van een LDR-toestel met 18 radioactieve Cs-137 bronnen in een radiotherapiedienst grondig mis. De ontmanteling werd uitgevoerd door de firma IT-Service Leipzig GmbH. Deze firma was aangesteld door de verkoper van het nieuw te leveren brachytherapietoestel.

De ontmanteling vond plaats buiten de bestralingsuren van de patiënten van de betrokken bunker. Het transport vond plaats toen de dienst - afgezien van de betrokkenen - verlaten was. De hoofdfysicus van de dienst radiotherapie en een externe klasse II-deskundige fysische controle waren bij de ontmanteling aanwezig.

Bij het overbrengen van de radioactieve bronnen van het toestel naar een type A-transportcontainer door 2 werknemers van IT-Service Leipzig zijn er verschillende bronnen naast de container terechtgekomen, weliswaar binnen de gecontroleerde zone. Deze konden worden gerecupereerd, maar na de verplaatsing van de transportcontainer naar het voertuig bleek de gemeten activiteit van de transportcontainer kleiner dan voordien, hetgeen deed vermoeden dat niet alle bronnen in de container aanwezig waren. De ontbrekende bron werd na meting teruggevonden op het traject buiten de gecontroleerde zone. Deze was vermoedelijk op de transportkar terechtgekomen i.p.v. in de transportcontainer.

Deze anomalie werd geklasseerd op niveau 1 van de INES-schaal en heeft dankzij de interventie van de deskundige fysische controle van het ziekenhuis geen enkele impact gehad op het welzijn en de gezondheid van de bevolking, de werknemers of het leefmilieu.

Verder werd het FANC ook op de hoogte gebracht van een materiovigilantie-incident betreffende de OBI-software van Varian.

De OBI-software maakt het voor elke patiënt mogelijk de automatische correctie van diens positionering te deactiveren, en dit onafhankelijk voor elk van de drie orthogonale assen en voor de rotatie.

De OBI-software voorziet echter niet dat zo'n gedeactiveerde automatische correctie van de positionering standaard wordt gereactiveerd voor de eerstvolgende patiënt. Deze functie dient manueel gereset te worden, hetgeen over het hoofd kan worden gezien of vergeten door de operator aan de console, hetgeen de kwaliteit van de behandeling kan beïnvloeden.

Dit euvel werd ontdekt door een radiotherapiedienst na de behandeling van een cerebrospinale as waarbij de automatische longitudinale correctie van de positie van de patiënt (door longitudinale verplaatsing van de tafel) wordt gedeactiveerd, teneinde een perfecte aansluiting te hebben tussen de cerebrale velden enerzijds en de spinale velden anderzijds.

Na een dergelijke behandeling van de cerebrospinale as moet de automatische longitudinale correctie van de patiëntpositionering manueel worden gereactiveerd voor de behandeling van de volgende patiënten. Dit was echter niet bekend bij alle operatoren van de dienst, zodat 10 patiënten die behandeld werden op dezelfde machine, één of twee fracties van hun behandeling ontvangen hebben zonder de gewenste correctie van de longitudinale positionering.

Er zijn geen gevolgen voor de gezondheid van de betrokken patiënten, noch voor de effectiviteit van hun volledige behandeling. Dit wordt verklaard door het feit dat de longitudinale tafelverplaatsing alleen wordt gebruikt om heel kleine afwijkingen te corrigeren: de gehanteerde positioneringsprocedures laten een goede reproduceerbaarheid toe van de positionering van de patiënt en door gebruik van het NAL-protocol worden systematische fouten grotendeels gereduceerd.

Het FANC heeft het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) op de hoogte gebracht van het incident en heeft er bij de firma Varian op aangedrongen om werk te maken van de nodige correctieve en preventieve acties.

 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2012


Het FANC werd in 2012 op de hoogte gebracht van volgende incidenten/anomalieën:

Accidentele bestraling personeelslid


Ten gevolge van een korte elektriciteitsonderbreking op een dienst radiotherapie, moesten alle bestralingstoestellen (lineaire versnellers en CT-simulator) opnieuw opgestart worden. Op het moment dat de stralingsfysicus één van de lineaire versnellers startte om de tafel te calibreren, bevond één van de radiotherapieverpleegkundigen zich nog in de bunker, weliswaar uit het gezichtsveld van de camera gebruikt ter observatie van de patiënten en ondanks de bevraging van de collega-verpleegkundigen door de stralingsfysicus of er al dan niet iemand nog aanwezig was in de bunker. Lees meer ...

Accidentele bestraling 2 personeelsleden


Op het moment dat twee verpleegkundigen in de bestralingsbunker bezig zijn met de installatie van een patiënt op de tafel, voert de toestelverpleegkundige aan de bestralingsconsole buiten de bunker een auto-setup van de bestralingsparameters uit. Dit is enkel mogelijk met de bunkerdeur gesloten. Zolang de handbediening van het toestel in de bunker uit de houder is, kan er niet gestraald worden. Wanneer de patiënt goed gepositioneerd is, plaatsen de verpleegkundigen de handbediening echter terug in diens houder, waardoor het laatste beletsel om te stralen verdwijnt. De verpleegkundige aan de bestralingsconsole merkt de twee verpleegkundigen in de bunker niet op (ondanks het feit dat deze zichtbaar moeten geweest zijn op het beeld van de observatiecamera) en neemt op datzelfde ogenblik een EPI van 2 MU. Lees meer ...

Faling optische toegangsbeveiliging bestralingsbunkers


Tijdens de fysische controle van een dienst radiotherapie door het erkend organisme, werd vastgesteld dat het optische toegangsbeveiligingssysteem tot de bestralingsruimte niet altijd correct functioneert, waardoor de werking van de lineaire versneller niet systematisch wordt onderbroken bij het betreden van de bunker.

De nieuwe bunkers van de betrokken dienst worden niet afgesloten met een fysieke deur maar beschikken allen over een zg. “chicane”, waarbij een optisch toegangsbeveiligingssysteem als virtuele deur functioneert. Een tweede beveiliging bestaat uit een kaartsysteem aan de ingang van de bunker. Indien een persoon de bunker betreedt, is deze verplicht om een kaart uit de muur te halen en mee in de bunker te nemen. Zo lang alle kaarten niet opnieuw in de muur zitten, kan er niet gestraald worden.

Hoewel er hier geen sprake is geweest van een incident als dusdanig, toont ook deze anomalie de nood aan om extra beveiligingsmaatregelen te implementeren en een verhoogd veiligheidsbewustzijn te creëren.

Aanbevelingen FANC

  • Op geen enkel moment mag de bunkerdeur gesloten zijn als er buiten de patiënt nog personen aanwezig zijn in de bestralingsruimte.
  • Een kaartsysteem aan de ingang van de bunker/chicane zou hoger vermelde incidenten waarschijnlijk hebben voorkomen en is een sterk aan te raden extra beveiligingssysteem.
  • Naast een 1e toegangsbeveiligingssysteem d.m.v. een deur of optische ogen, kan een 2e systeem op de overgang van de gang/chicane naar de bunker fungeren als extra toegangsbeveiliging of zoals in het eerste beschreven incident zorgen voor een “extra noodstop” (uitschakeling machine) bij een noodsituatie in de bunker.
  • Indien men anomalieën of andere storingen vaststelt, is het noodzakelijk om onmiddellijk:
    1. het logboek bij de versneller in te vullen zodat iedereen (incl. fabrikant en fysische controle) kan zien wanneer en hoeveel keer deze anomalie/storing zich voordeed en wanneer/hoe dit werd verholpen.
    2. de fabrikant te contacteren indien de anomalie/storing de normale werking van de dienst verstoort.
  • In geval de anomalie een gevolg lijkt te zijn van een niet-compatibiliteit tussen componenten van verschillende firma's, is het ten zeerste aanbevolen alle partijen snel rond de tafel te brengen om gezamenlijk tot een oplossing te komen van het probleem.
  • In geval van een ernstige anomalie is het aan te raden naast de fabrikant ook het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) en het FANC te verwittigen.
  • In geval van een incident is het belangrijk om over een duidelijke interne incidentenprocedure te beschikken waardoor het voor iedereen duidelijk is welke stappen gevolgd moeten worden en wie verwittigd moet worden.
  • In geval van een accidentele blootstelling van een personeelslid is het belangrijk de dosimeter van de betrokkene met spoed te laten uitlezen, ook al is het vermoeden groot dat de opgelopen dosis laag zal zijn, en moeten volgende personen onmiddellijk verwittigd worden:
    1. het diensthoofd
    2. de arbeidsgeneesheer
    3. de preventie-adviseur
    4. de dienst voor fysische controle

 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2011

Verlies Iridium-192-draad


Aan de wachtrol van het FANC werd op 25 juni 2011 het verlies van een Ir-192-draad gemeld door de dienst fysische controle van een ziekenhuis. Bij de ontlading van een LDR-behandeling van huidepitheliomen met Ir-draden, eerder diezelfde dag, werd vastgesteld dat 1 draad van 2,5 cm ontbrak. Deze draad werd enkele uren later teruggevonden in het keukenafval door de wachtdienst van de dienst fysische controle en de medisch stralingsfysicus van wacht. Lees meer ...

Bestralingsincident bij een radiotherapie behandeling met hoogenergetische elektronen


Het FANC ontving op 29 maart 2011 een melding van een ziekenhuis i.v.m. een fout bij de herbestraling van een patiënte met borstkanker met hoogenergetische elektronen. In eerste instantie werd door de behandelende arts een voorschrift van 20x200cGy in Dmax met een energie van 4MeV in het record- and verify-systeem (Mosaiq) ingebracht. Drie dagen later werd de behandeling klinisch gestart, dit houdt in dat de radiotherapeut op het moment van de start beslist over de instelling (veldgrootte, gantryhoek) en aantal monitor units (MU). Twaalf dagen na het beëindigen van de behandeling werd de behandelende arts door de patiënte telefonisch gecontacteerd ivm hevige huidreactie. Uit de bestralingsgegevens bleek dat de patiënte bij elke fractie het dubbele aantal MU gekregen had.. De totale toegediende dosis bedroeg dus 20x400cGy i.p.v. 20x200cGy. Lees meer ...

Accidentele blootstelling stralingsfysicus


Het FANC werd op 22 maart 2011 via het online meldingsformulier op de website op de hoogte gebracht van een incident waarbij een medisch stralingsfysicus kortstondig (30 – 60s) werd blootgesteld aan straling met een hoog dosistempo. De blootstelling geschiedde doordat de Ir-192 bron van een HDR afterloader niet automatisch werd teruggetrokken in de kluis van het toestel bij het openen van de deur van de bestralingsbunker. Analyse van het incident bracht aan het licht dat de overeenkomstige deurswitch niet functioneert wanneer het toestel in service mode gebruikt wordt, zoals bv. het geval is bij de uitvoering van test- en/of kwaliteitscontrolemetingen. De betrokken firma heeft intussen ook bevestigd dat de deurswitch enkel werkt wanneer het toestel in klinische mode operationeel is.

Naar aanleiding van het gebeurde heeft de betrokken dienst volgende maatregelen getroffen: Lees meer ...

Foutieve patiëntpositionering


Het FANC werd op 18 februari 2011 via het online meldingsformulier op de website op de hoogte gebracht van een bestralingsincident waarbij een patiënt die behandeld werd voor twee lokalisaties, met name de femur en het sacro-iliacaal gewricht, gedurende 4 opeenvolgende fracties verkeerd gepositioneerd werd op het bestralingstoestel waardoor de dosis, bestemd voor het sacro-iliacaal gewricht, ook terecht kwam op de femur. De patiënt moest voor beide indicaties één en dezelfde bestralingshouding aannemen, nl. met de voeten naar de gantry toe gericht. Doordat een bestraling van het bekken echter doorgaans met het hoofd naar de gantry gebeurt, werd de positie van de patiënt voor de bestraling van het sacro-iliacaal gewricht veranderd. Na vaststelling van de vergissing werd het behandelingsplan aangepast voor de resterende fracties om schadelijke gevolgen voor de patiënt te vermijden.

Teneinde herhaling van het gebeurde te voorkomen, werden door het betrokken radiotherapiecentrum volgende correctieve maatregelen genomen: Lees meer ...

 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2010

Bestralingsincident


Verwisseling I-125 cartridges


 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2009

Bestralingsincident


Verlies 3 iridiumdraden 192


Verlies Iridium-192 draad


Gebeurtenis met toepassing radioactieve bronnetjes


 Terug naar boven


Samenvatting incidentmeldingen 2008


Het FANC behandelde in 2008 in het kader van de reglementering “Medische Hulpmiddelen” (KB van 18 maart 1999) een honderdtal “vigilance” rapporten over gebeurtenissen met hulpmiddelen of substanties die ioniserende stralen uitzenden of bestemd zijn om ioniserende stralen uit te zenden en die de dood of een ernstige achteruitgang van de gezondheidstoestand van een patiënt of van een gebruiker kunnen of zouden kunnen veroorzaken.

Lees meer ...

 Terug naar boven


Opvolging van de rondetafels radiotherapie


In navolging van de Ronde Tafelconferentie Radiotherapie gehouden in oktober 2007 ten gevolge van verschillende bestralingsincidenten in binnen- en buitenland, werd op initiatief van het FANC een multidisciplinaire werkgroep “Kwaliteitsborging in Radiotherapie” opgericht, met als doel kwaliteitsbevorderende initiatieven uit te werken met de nadruk op preventie van incidenten en accidenten.

De werkgroep bereikte een consensus over drie actiepunten, waarvan één de invoering van een driejaarlijkse, externe dosimetrie audit van de toestellen voor externe bestraling in alle Belgische radiotherapiecentra. Een tweede actiepunt van de werkgroep betrof de invoering in alle diensten radiotherapie van een intern registratie- en analysesysteem voor de (vele kleine) incidenten en bijna-incidenten. Een derde actiepunt tenslotte betrof de gefaseerde invoering van een aan de radiotherapie aangepast kwaliteitsmanagementsysteem (QMS) in de diensten radiotherapie en aansluitend de organisatie van klinische audits.

Stand van zaken :

1. Het FANC engageerde zich om de eerste dosimetrie audit (2009-2010-2011) te financieren en publiceerde hiertoe een lastenboek in oktober 2008. De opdracht werd in januari 2009 gegund aan het project “BELdART” (Belgian Dosimetry Audits in Radiotherapy), dat een samenwerking is tussen het Nucleair Technologisch Centrum (NuTeC) van de XIOS Hogeschool Limburg, het College van Geneesheren Radiotherapie en de Belgische Vereniging voor Ziekenhuis Fysici (BVZF). Het BELdART project startte officieel op 1 februari 2009. Einde 2011 zouden alle bestaande toestellen dosimetrisch gecontroleerd moeten zijn.

2. De sector Radiotherapie engageerde zich via het College der Geneesheren om een nationale databank te creëren voor de vrijwillige registratie van incidenten en bijna-incidenten en voor de uitwisseling van informatie over hun oorzaken en gevolgen. Op die manier kan de ervaring die lokaal wordt opgedaan in één radiotherapie afdeling de hele sector ten goede komen. Doel is ook statistieken te trekken en te benchmarken. Finaal werd geopteerd voor het PRISMA-RT platform van de firma Adheco. Tijdens het najaar van 2011 zal het systeem geïnstalleerd worden in de eerste 5 RT-diensten. Begin 2012 volgen dan opnieuw 5 diensten, totdat uiteindelijk alle 25 radiotherapiediensten aangesloten zullen zijn op het netwerk. De firma Adheco moet nog bekijken in hoeverre andere, reeds bestaande, interne registratiesystemen (genre Intranet en Infoland) kunnen geïntegreerd worden in het PRISMA-netwerk.

3. In de tijdsspanne oktober 2011 – december 2011 zullen klinische audits plaatsvinden in de eerste 5 radiotherapiediensten die een QMS geïmplementeerd hebben. De audit teams zullen telkens multidisciplinair samengesteld worden (art – fysicus – verpleegkundige). De methodologie die gevolgd zal worden is deze van de IAEA, QART genaamd (Quality Audits in RadioTherapy). Ook voor de rapportering zal het overeenstemmende IAEA-template gebruikt worden.

 Terug naar boven


Samenvatting van de reglementaire verplichtingen

Vergunning voor het gebruik van toestellen en radionucliden in het kader van de radiotherapie (art. 53.3.4)


Toestellen en radionucliden voor radiotherapeutische doeleinden mogen alleen worden gebruikt door houders van het wettelijk diploma van doctor in de genees-, heel- en verloskunde of de academische graad van arts en die hiervoor vergund zijn door het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle.

Geneesheer-specialisten in de radiotherapie die gebruik maken van toestellen en/of radionucliden in het bezit houden en gebruiken tot medische doeleinden en die hiervoor nog geen vergunning bezitten, dienen een schriftelijke aanvraag in te dienen bij de dienst “Bescherming van de Gezondheid” van het departement “Gezondheid en Leefmilieu” van het FANC.

Lees meer...

Permanente vorming (art 53.1)


Vergunde radiotherapeuten zijn ertoe gehouden hun kennis en bekwaamheid op het gebied van de stralingsbescherming op peil te houden en te vervolmaken, in het kader van een permanente vorming op universitair niveau (artikel 53.1 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001).

Het FANC heeft – met de goedkeuring van de sector (BVRO en VBS) – volgende minimale criteria vastgelegd voor de permanente vorming in de stralingsbescherming van de artsen radiotherapie: 3 uur vorming/jaar, van universitair niveau en met de nadruk op 3 uur/jaar (en dus niet éénmalig 30 uur in de loop van 10 jaar).

De permanente vorming dient gerelateerd te zijn aan de toepassingen in het vakgebied. Mogelijke onderwerpen zijn de opfrissing van de basisprincipes inzake stralingsbescherming evenals nieuwe evoluties op het gebied van:

  • effecten van ioniserende straling;
  • rechtvaardiging van het gebruik van bronnen van ioniserende straling;
  • optimalisatie van de dosis;
  • gebruikte technieken;
  • wetgeving.

Het spreekt voor zich dat grote (inter-)nationale wetenschappelijke symposia en congressen (BVRO, ESTRO, ASTRO, ... ) in aanmerking komen voor permanente vorming. Maar ook kleinere lokale initiatieven kunnen in aanmerking komen: LOK sessies, vormingsactiviteiten rond kwaliteit en klinische audits, ... Hiervoor zal het aantal uur permanente vorming vastgelegd worden door het FANC op basis van het wetenschappelijk programma dat best voorafgaandelijk aan het FANC wordt doorgestuurd, zodat het onmiddellijk gepubliceerd kan worden op de FANC-website met vermelding van het aantal goedgekeurde uren.

In overleg met de Medische Jury werd een model van activiteitsverslag pdf opgesteld dat een luik “permanente vorming inzake radioprotectie en optimalisering dosis aan de patiënt” bevat en dat als aanvraagformulier dient ter verlenging van de vergunning. Het activiteitsverslag kan elektronisch worden ingediend op volgend adres: medicaljury@fanc.fgov.be. De kwaliteit ervan zal vervolgens het voorwerp uitmaken van een advies van de Medische Jury.

Helpers (art. 53.2)


Toestellen en radionucliden voor radiotherapeutische doeleinden mogen gebruikt worden door verple(e)g(st)ers, paramedici en gelijkgestelden, doch alleen volgens de instructies en onder de werkelijke controle en verantwoordelijkheid van radiotherapeuten die in het bezit zijn van een vergunning voor het gebruik van toestellen en radionucliden in het kader van de radiotherapie.

De exploitant van de inrichting ziet erop toe dat deze zogenaamde “help(st)ers” een opleiding hebben genoten die overeenstemt met hun beroepsbezigheden en een permanente vorming in de betrokken materie genieten. Meer info via volgende link.

Bijstand door de deskundige in de medische stralingsfysica (art. 51.7)


De exploitant van een inrichting met installaties voor radiotherapie, moet zich laten bijstaan door een erkend deskundige in de medische stralingsfysica voor de organisatie en de toepassing van de maatregelen die nodig zijn om te stralingsbescherming van de patiënt en de kwaliteitsbeheersing van de apparatuur te verzekeren.

In het bijzonder is in elke dienst radiotherapie de aanwezigheid van tenminste één deskundige in de medische stralingsfysica, bekwaam in de betrokken materie, voltijds vereist.

Lees meer...

 Terug naar boven


Laboratorium voor Standaard Dosimetrie Gent


Het Laboratorium voor Standaard Dosimetrie van de Universiteit Gent (LSDG) is vanaf 1 juli 2009 terug actief in een samenwerkingsvorm tussen SCK-CEN, Universiteit Gent en het FANC.

De kalibraties zullen worden uitgevoerd door een expert van de dienst Dosimetrie en Kalibratie van het SCK.CEN, dat ook instaat voor het onderhouden en de verdere ontwikkeling van het laboratorium. De infrastructuur van het laboratorium wordt als vanouds geleverd door de Universiteit van Gent.

Lees meer...

 Terug naar boven


Dosimetristen


In de meeste Belgische radiotherapiecentra wordt het medisch stralingsfysica team in de praktijk vaak bijgestaan door personen (niet erkend als deskundige in de medische stralingsfysica) op vlak van dosimetrie, therapieplanning en/of kwaliteitscontrole. Veelal krijgen deze personen de benaming “dosimetrist” toegewezen.

Momenteel is er echter in de Belgische wetgeving geen enkele verwijzing naar of erkenning voor deze groep personen. Het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle wil dit hiaat in de regelgeving graag wegwerken. Het wil dit doen op basis van uitwisseling van informatie en prakrijkervaring met de andere Europese lidstaten, met de hogescholen, met de BVZF en met de dosimetristen zelf.

In 2011 werd hiertoe onder de diensten radiotherapie een enquête verspreid om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de opleidingsgraad van de personen die momenteel de functie van dosimetrist uitoefenen, van hun taken en verantwoordelijkheden, hun verwachtingen, ... De resultaten van de enquête vindt u hier . Let hierbij op de grote verscheidenheid aan basisdiploma's evenals op het relatief lage aantal dosimetristen die QC-taken verrichten.

Er werd ongeveer terzelfdertijd een enquête gelanceerd binnen Europa via ERPAN, European Radiation Protection Authorities Network. Deze enquête had voornamelijk betrekking op de (al dan niet bestaande) regelgeving rond dosimetristen in de andere lidstaten. Resultaat: geen enkel land dat deelgenomen heeft aan de enquête (Frankrijk, Ierland, Zweden, Slovenië, Duitsland, Luxemburg en Groot-Brittanië) heeft in de wetgeving één of andere verwijzing naar of erkenning voor dosimetristen.

Op het overlegplatform met de verschillende hogescholen die een opleiding tot “Technoloog in de Medische Beeldvorming (TMB) aanbieden, is dan weer gebleken dat de Hogeschool Brussel (HUB) voorlopig als enige gestart is met de introductie van een keuzemodule radiotherapie van 20 studiepunten in het derde jaar TMB. De inhoud van deze module komt overeen met deze van het postgraduaat radiotherapie, dat inmiddels al een aantal jaren draait. De module loopt over 13 weken, waarvan 5 weken stage. Ongeveer 1/3e van de studenten opteert voor het volgen van deze module.

In theorie bestaat de mogelijkheid om van een driejarig programma TMB over te gaan naar een vierjarig (zoals bv. in Nederland het geval is) en dus technologen af te leveren die volledig in de drie bevoegdheidsdomeinen zijn opgeleid. Het FANC is voorstander van dergelijke 4-jarige opleiding, te meer omdat er een duidelijke nood/behoefte is aan getrainde technologen radiotherapie.

In dit kader circuleert er tevens een voorstel tot wijziging van het KB van 28 februari 1997 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van technoloog medische beeldvorming en houdende vaststelling van de lijst van handelingen waarmee deze laatste door een arts kan worden belast. Technologen in de Medische Beeldvorming worden immers alsmaar vaker tewerk gesteld op diensten radiotherapie, waar hun goede kennis van straling en beeldvorming zeer worden geapprecieerd.

Eens het voorstel tot wijziging van het KB van 28 februari 1997 aanvaard en gepubliceerd zal zijn, heeft het FANC goede hoop dat de huidige 3-jarige TMB-opleiding inderdaad zal evolueren naar een 4-jarige opleiding, die dan de verplichte basisopleiding kan worden voor de toekomstige dosimetristen. De bijkomende gespecialiseerde opleiding tot dosimetrist zal dan waarschijnlijk voor een groot deel uit een praktische stage bestaan. Eens dit wettelijk geregeld, zal vervolgens de vrije toegang tot de functie afgesloten kunnen worden. Voor hen die op dat moment reeds werkzaam zijn als dosimetrist en niet voldoen aan voormelde opleidingsvoorwaarden, zullen overgangsbepalingen dienen worden opgesteld.

 Terug naar boven


Documenten


Laatste update
25/07/2014 - 11:49


Contact

 
 
 

INES

 


 printvriendelijk  Home

Copyright 2013 © - Wettelijke vermeldingen