NL : FR
 RSS
Arrow Sitemap

Onze missie 

' Het FANC bevordert de doeltreffende bescherming van de bevolking, werknemers
en het leefmilieu tegen het gevaar van ioniserende straling '.

RADON

Derde toetsingsvergadering van het « Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval" - 11-20 mei 2009

De veiligheid van het beheer van het radioactief afval en van de bestraalde splijtstof werd onderzocht op de derde toetsingsvergadering van het Gezamenlijk Verdrag (GV) die van 11 tot 20 mei 2009 op de zetel van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie te Wenen heeft plaatsgevonden.

Gedurende het ganse verloop van de derde toetsingsvergadering is gebleken dat het onderzoeksproces duidelijk naar maturiteit evolueert en dat er meer constructieve uitwisselingen waren en meer kennis werd gedeeld dan op de vorige toetsingsvergaderingen.

Op dit ogenblik zijn er 48 Staten verdragsluitende partij bij het Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval (GV). Onlangs zijn er twee nucleaire staten tot het GV toegetreden: Zuid-Afrika en China waardoor de principes en praktijken die door het GV en zijn toetsingsvergaderingen gepropageerd werden, universeler worden.

De doelstellingen van het GV bestaan erin:

  • Overal ter wereld een hoog veiligheidsniveau op het gebied van het beheer van de bestraalde splijtstof en het radioactief afval te bereiken en te behouden dank zij de intensifiëring van nationale maatregelen en de internationale samenwerking, inclusief, indien nodig, de samenwerking op het gebied van de veiligheid;
  • Ervoor te zorgen dat we in alle stadia van het beheer van de bestraalde splijtstof en het radioactief afval over voldoende verdedigingsmechanismen tegen mogelijke risico's beschikken opdat de individuen, de maatschappij en het leefmilieu, vandaag en in de toekomst, tegen de schadelijke gevolgen van de ioniserende straling beschermd zouden zijn, zodat er aan de behoeften en verlangens van de huidige generatie kan worden tegemoetgekomen zonder dat er geraakt wordt aan de mogelijkheid van de toekomstige generaties om die van hen te vervullen;
  • Ongevallen met radiologische gevolgen te voorkomen en, in geval er zich – in om het even welk stadium – toch een dergelijk ongeval met de bestraalde splijtstof of het radioactief afval voordoet, de gevolgen ervan te reduceren.

In de verschillende artikels van het GV worden de principes vermeld die toegepast moeten worden om aan deze doelstellingen te beantwoorden. Ze omvatten zowel reglementaire als technische bepalingen.

Met toepassing van het GV, zijn de verdragsluitende partijen verplicht om om de drie jaar een nationaal verslag over te maken waarin wordt uiteengezet hoe zij de verschillende artikels van het GV ten uitvoer brengen. Deze verslagen worden vervolgens onderzocht en maken het voorwerp uit van schriftelijke vragen. Op de toetsingsvergadering die daarop volgt, stellen de verdragsluitende partijen hun verslagen voor en vervolgens maken deze het voorwerp uit van mondelinge vragen en van een debat waardoor de ervaringen kunnen worden uitgewisseld. Dit is de peer review die de essentie vormt van dit aansporend verdrag dat als doel heeft de beste strategieën en praktijken m.b.t. het beheer van het radioactief afval en de bestraalde splijtstof uit te breiden.
Voor België leidt het FANC de delegatie, die ook vertegenwoordigers omvat van de instelling die belast is met het beheer van radioactief afval, NIRAS, en van Bel V.

De peer review van België heeft op 14 mei plaatsgehad.

De Belgische voorstelling bestond uit twee delen, het eerste deel, van het FANC, werd door de directeur van het Departement Regulation International Affairs & Development voorgesteld en het tweede deel door de directeur-generaal van NIRAS.

Daarna volgde een debat waarbij een vijftiental punten meer in detail werden besproken.

De verslaggever heeft vervolgens de debatten/vaststellingen van de onderzoeksgroep in zijn verslag opgenomen dat door deze werd goedgekeurd.

We benadrukken hierbij het feit dat NIRAS nog steeds wacht op een principebeslissing over een referentieoplossing voor de bestraalde splijtstof en het hoogactief afval. Er werden verschillende goede praktijken geïdentificeerd:

  • De wijziging van de structuur van de veiligheidsautoriteit, inclusief de reorganisatie van het FANC en de oprichting van Bel V;
  • De verbeteringen van het reglementair kader (omzetting van de EG-richtlijnen, wet [op de civiele veiligheid]);
  • De voorbereiding door NIRAS van het Nationaal Afvalplan voor het langetermijnbeheer van radioactief afval;
  • Het publiek betrekken bij de deelname aan de afvalbeheersprogramma's (geïntegreerde projecten);
  • De eerste periodieke (veiligheids)herziening van BELGOPROCESS;
  • De ontwikkeling van benaderingswijzen en een specifieke regelgeving voor de definitieve berging;
  • De recyclage van metalen en beton afkomstig van de ontmantelingen;
  • Het protocol m.b.t. het onderzoek en het beheer van radioactieve stoffen in de niet-nucleaire sector, ondertekend door het FANC, NIRAS en de beroepsfederaties.

De volgende challenges werden tevens geïdentificeerd:

  • De ontwikkeling van een reglementair kader voor de toekenning van vergunningen voor de afvalbergingsinrichtingen en voor het langetermijnbeheer van de historische passiva;
  • De voorbereidingen voor de vergunningsaanvraag voor de oppervlakteberging van afval van categorie A te Dessel;
  • De voltooiing en uitvoering van de remediëring voor de site Umicore te Dessel;
  • De ontwikkeling van een aanvaarbaarheidssysteem en van criteria voor de opslag (van afval van categorie A), rekening gehouden met de rollen en verantwoordelijkheden van de veiligheidsautoriteiten, de exploitanten van de opslagplaatsen, de producenten en verpakkers van het afval, waarbij elk belangenconflict tussen de verschillende partijen dient vermeden te worden

Evenals maatregelen die voorzien werden om de veiligheid te verbeteren:

  • De ontwikkeling van een regelgeving voor de remediëringsactiviteiten;
  • De implementatie van WENRA-referentieniveaus m.b.t. het afval en de bestraalde splijtstof in de Belgische regelgeving;
  • Plannen voor de zelfevaluatie en voor de planning van een IRRS-missie voor het FANC;
  • Verdere deelname aan internationale groepen en samenwerking.

In het verslag van de “peers” stond de volgende conclusie: « continue vorderingen en een pragmatische aanpak in het Belgisch programma voor het beheer van radioactief afval».

Naar het voorbeeld van de vergadering die aan het Belgisch verslag gewijd werd, zijn er talrijke vergaderingen geweest waardoor de nationale deskundigen de mogelijkheid hebben gekregen om hun kennis van de beheersstrategieën en –praktijken voor het radioactief afval verder uit te diepen en om er op wereldniveau de belangrijkste vorderingen en resterende challenges uit te halen.

Gedetailleerde bijkomende informatie:  


Contact

 
 
 

INES

 


 printvriendelijk  Home

Copyright 2013 © - Wettelijke vermeldingen