NL : FR
 RSS
Arrow Sitemap

Onze missie 

' Het FANC bevordert de doeltreffende bescherming van de bevolking, werknemers
en het leefmilieu tegen het gevaar van ioniserende straling '.

RADON

Hoogactieve ingekapselde bronnen (afgekort HAIB): verantwoordelijkheden en verplichtingen van de exploitanten

Index

Inleiding


Sinds eind jaren ‘90, begin 2000 buigen de internationale instanties (IAEA, Euratom...) zich over de beveiliging en veiligheid van radioactieve bronnen. De Europese Commissie achtte het nodig om de opvolging en traceerbaarheid te verhogen van die ingekapselde bronnen die de meeste gezondheidsrisico's inhouden. Zo wordt vermeden dat ze ontsnappen aan de gepaste controles (verlies, diefstal, vergetelheid...) en dat ze in handen vallen van personen die niet bewust zijn van hun aard en de risico's die ze inhouden. Daarnaast moet worden vermeden dat deze bronnen onaangepaste behandelingen ondergaan (vermaling bij de recyclering van metalen...) en dat ze mens en milieu besmetten of blootstellen aan gevaarlijke stralingen. Dergelijke situaties hebben zich overigens al voorgedaan, soms met fatale afloop (zoals in het Braziliaans Goiânia in 1987).

De grens voor individuele opvolging en verhoogde traceerbaarheid van de bronnen wordt bepaald vanaf een dosisdebiet groter of gelijk aan 1 mSv/uur op 1 meter, uitgezonden door een naakte, ingekapselde bron. Die bronnen noemen we 'Hoogactieve Ingekapselde Bronnen' (HAIB). De activiteitsdrempel wordt nagegaan op het ogenblik van de vervaardiging van de bron of, bij afwezigheid, zodra ze voor het eerst op de markt wordt gebracht. Als voorbeeld geven we de drempelactiviteiten voor de meest courante isotopen:

60Co : 4 GBq 137Cs: 20 GBq
75Se : 30 GBq 192Ir :10 GBq
85Kr : 100 GBq 241Am : 100 GBq

Zo ontstond richtlijn nr. 2003/122/Euratom van de Raad van de Europese Unie van 22 december 2003 betreffende de controle op hoogactieve ingekapselde radioactieve bronnen en weesbronnen. Deze richtlijn heeft tot doel om de geldende reglementaire bepalingen inzake radioprotectie aan te vullen (Richtlijn 96/29/Euratom van de Raad van 13 mei 1996).

De richtlijn werd omgezet in het Belgische recht via het koninklijk besluit van 23 mei 2006 tot wijziging van het Algemeen Reglement op de Bescherming tegen de Ioniserende Stralingen (koninklijk besluit van 20 juli 2001).

Naar aanleiding van dit koninklijk besluit stelde het FANC een thematische toelichting pdf op die de fabrikanten, verdelers, leveranciers en exploitanten de nodige uitleg verschaft bij de verschillende artikelen, zodoende een uniforme interpretatie van de tekst te garanderen.

Voor de uitwerking van de bepalingen van deze richtlijn, baseerde de Commissie zich op vaststellingen op het terrein op Europees niveau. Er werd bepaald:

  • dat het voor de overheid efficiënter is om de exploitanten te controleren in plaats van de bronnen zelf. Dit wil zeggen: om te controleren of de exploitant nog steeds bekwaam is om zijn opdrachten uit te voeren en zijn verantwoordelijkheden te nemen (toezien op de staat en de aanwezigheid van de bronnen - ook vanuit financieel oogpunt).
  • dat de bronnen die het meest kans maken om aan de controles te ontsnappen, bronnen zijn die niet meer worden gebruikt maar nog wel aanwezig zijn in de inrichting (afgedankte bronnen die wachten om te worden afgevoerd).

 Terug naar boven

Belangrijkste bijzondere bepalingen met betrekking tot de HAIB


Er dient opgemerkt dat deze toelichting de exploitant niet ontslaat van de andere verplichtingen van het ARBIS of andere wettelijke en/of reglementaire teksten (bijvoorbeeld: de verplichting om een vergunning te hebben en indien nodig te laten wijzigen, de maatregelen die moeten worden genomen als een inrichting haar activiteiten stopzet, de medische controle van het personeel, bepalingen inzake het vervoer, ...).

Vergunning van de inrichting


In het algemeen, wordt een inrichting die één of meerdere HAIB's bezit, geklasseerd volgens het ARBIS (artikel 6,7 en 8) en is dus onderworpen aan een controle zoals beschreven in artikel 23 van dit reglement.

De verstrenging van het vergunningssysteem zoals opgelegd door de richtlijn betreffende de controle op HAIB's, laat het Agentschap toe om geval per geval specifieke uitbatingsvoorwaarden op te leggen (technische en andere aspecten). Dit om zeker te zijn dat de aanvrager van de vergunning geschikt is om de bronnen op een veilige manier te beheren tot en met hun verwijdering uit de inrichting (inclusief de bronnen die buiten dienst gesteld zijn).

De vergunning kan de exploitant dus een aantal voorwaarden opleggen aangaande:

  1. de verantwoordelijkheden;
  2. de minimale kwalificaties van het personeel, ook op het vlak van informatie en vorming;
  3. de minimale prestatiecriteria voor de bronnen, de broncontainers en de aanvullende uitrustingen;
  4. de vereisten inzake de procedures en communicatiekanalen bij noodgevallen;
  5. de te volgen werkprocedures;
  6. het onderhoud van de uitrustingen, de bronnen en de containers;
  7. in voorkomend geval: het gepaste beheer van afgedankte bronnen (met inbegrip van de akkoorden over), de overdracht van deze bronnen aan een leverancier/andere houder met vergunning of een erkende inrichting.

 Terug naar boven

Informatie en vorming van het personeel


Naast de informatie en de algemene vorming (artikel 25) die alle werknemers moeten krijgen, moet het personeel dat deze HAIB ‘hanteert' of zich vlak in de buurt bevindt van deze HAIB (en hun afscherming) een meer uitgebreide en specifieke informatie en vorming krijgen over HAIB. Deze vorming moet meer bepaald betrekking hebben op het veilig beheer van deze bronnen en op de risico's en gevolgen wanneer een passende controle wegvalt.

Ook de maatregelen die moeten worden genomen in incidentele/accidentele situaties moeten aan bod komen.

Een schriftelijk document moet ter beschikking worden gesteld van het personeel.

 Terug naar boven

Markering van de bron


Elke bron moet door de fabrikant worden geïdentificeerd met een uniek identificatienummer (in elk geval voor de nieuwe bronnen). Dit nummer wordt indien mogelijk op de bron gegraveerd of gedrukt. Het wordt tevens gegraveerd in of gedrukt op de broncontainer (afscherming). Als dat niet mogelijk is of als het gaat om transportcontainers die opnieuw kunnen worden gebruikt, moet op de broncontainer ten minste informatie over de aard van de bron worden aangebracht.

symbool stralingsrisico

Het symbool dat het stralingsrisico aangeeft moet worden aangebracht op de broncontainer (geel-zwarte driehoek met het radioactieve klaverblad), evenals de kenmerken van de bron.

 Terug naar boven

Controle - Veilig beheer van de HAIB


  1. De exploitant ziet erop toe dat regelmatig de nodige testen, zoals lektesten, worden uitgevoerd volgens de internationale normen, om de integriteit van elke HAIB te controleren en te handhaven. Deze opdracht wordt toevertrouwd aan de dienst voor fysische controle die de exploitant moet oprichten (artikel 23.16 - 17).
    Behalve de testen van de eigenschappen van de bron, voor controle van de lekdichtheid, moet de dienst voor fysische controle ook een wrijftest uitvoeren op de plaatsen waar de meeste contaminatie na een eventuele lek van de bron kan optreden en die het best bereikbaar zijn, zonder de installatie/container te moeten demonteren.
    Om redenen van interpretatie/traceerbaarheid moet de gevolgde werkwijze worden genoteerd. De wijze van monsterneming (doek, filterpapier, ...), het soort wrijftest (droog, vloeibaar), de geteste oppervlakken, de druk die wordt uitgeoefend bij de monsterneming, de meetmethode voor de activiteit op de monsters, ... moeten worden opgetekend.
    De gebruikte methode en de frequentie van de testen worden bepaald door de dienst voor fysische controle. Die houdt bij zijn keuze rekening met de bijzondere gebruiksvoorwaarden van de betreffende bron en met de bijzondere risico's die eraan verbonden zijn (corrosie, ...).
    Er moeten twee belangrijke punten worden gerespecteerd:
    • de bescherming van de personen in de buurt en van de intervenant;
    • de capsule van de bron en/of de uitrusting die ermee verbonden is mag niet worden gewijzigd.
  2. De exploitant controleert periodiek of elke HAIB en, indien nodig, de uitrustingen die de bron bevatten, zich steeds op hun gebruiks- of opslagplaats bevinden en of ze in goede zichtbare staat verkeren (incl. of de markeringen/etiketteringen nog leesbaar zijn). Ook deze opdracht wordt toevertrouwd aan de dienst voor fysische controle die de exploitant moet oprichten (artikel 23).
  3. De exploitant ziet erop toe dat elke vaste of mobiele bron het voorwerp uitmaakt van gepaste maatregelen, gestaafd door documenten zoals protocols en schriftelijke procedures, om de ongeoorloofde toegang tot en het verlies of diefstal van de bron (ook als ze tijdelijk is opgeslagen op de werf) te verhinderen.
  4. De exploitant ziet erop toe dat elke beschadiging van de bron bij een ramp (brand, ...) wordt vermeden. Hij dient daarvoor met de lokale brandweerdienst – of bij ontstentenis met de verantwoordelijke van de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk – te overleggen over de maatregelen die moeten worden genomen inzake preventie, detectie en brandbestrijding. (tenzij anders vermeld in de opslag- en uitbatingsvergunning).
  5. Na elke gebeurtenis, waaronder brand, waarbij de bron beschadigd kan zijn, laat de exploitant de integriteit van elke bron controleren door de erkende instelling.

 Terug naar boven

Melding van abnormale gebeurtenissen


De exploitant dient het FANC onmiddellijk op de hoogte te brengen van elk verlies, diefstal of ongeoorloofd gebruik van een HAIB. Elk incident of ongeval waarbij een werknemer of om het even welke persoon onopzettelijk wordt blootgesteld, moet onmiddellijk worden gemeld aan het FANC (artikel 67).

 Terug naar boven

Overdracht en vervoer van HAIB


Een houder wordt verantwoordelijk voor de HAIB zodra deze hem officieel wordt overhandigd. De nieuwe houder overhandigt de voormalige houder een ontvangstbewijs om hem “van zijn verplichtingen te ontslaan”. Men spreekt van de overdracht van de HAIB. Bij de overdracht moet de voormalige houder nagaan of de bestemmeling de nodige exploitatievergunning heeft en hem de levensloopfiche van de bron overhandigen (deze fiche vermeldt de eigenschappen van de bron en minstens de aard, de datum en het resultaat van de laatste 4 controles).

Elk vervoer van de bron gebeurt onder de verantwoordelijkheid van de houder en is dus geen overdracht (bijvoorbeeld de verplaatsing naar een werf in het geval van een bron/container of een mobiele inrichting). Er wordt op gewezen dat het vervoer van HAIB evenwel onderworpen is aan de reglementering inzake vervoer en dus eveneens het voorwerp moet uitmaken van de nodige vergunningen.

Er moeten schriftelijke akkoorden worden gesloten tussen de voormalige en de nieuwe houder, vooral als de bron moet worden gemonteerd (wie doet dit, wie garandeert de veiligheid en wanneer zal de overdracht plaatsvinden). Dergelijke akkoorden moeten ook worden gesloten als de bron voor onderhoud naar de fabrikant wordt gestuurd.

 Terug naar boven

Afgedankte bronnen


Een HAIB die niet meer wordt gebruikt, mag gedurende maximaal 5 jaar worden bewaard binnen de voor het gebruik vergunde inrichting. Na deze termijn wordt de bron beschouwd als een afgedankte bron.

De exploitant moet de nodige maatregelen nemen opdat de afgedankte bron terug kan worden overgedragen aan de leverancier/fabrikant. Daarvoor moet een schriftelijk contract met de fabrikant/leverancier worden afgesloten. De exploitant moet periodiek controleren of de bepalingen van deze contracten nog worden gerespecteerd (bijvoorbeeld of de fabrikant/leverancier nog bestaat...). Als de bron niet meer kan worden overgedragen aan de leverancier (omdat die niet meer bestaat, ...) moet ze worden overgedragen aan het NIRAS zodra ze wordt afgedankt.

Voor een afgedankte bron gelden dezelfde verplichtingen inzake controle (zie 3.d. hiervoor) en verzending van de levensloopfiche (zie 3.h. hierna) als voor een nog gebruikte bron.

Als in de inrichting een ander gebruik van de bron is voorzien, moet een aanvraag tot wijziging van de exploitatievergunning worden ingediend (artikel 12).

 Terug naar boven

Levensloopfiche


Voor elke HAIB moet de periodieke verzending van een levensloopfiche met bijwerking van de gegevens worden voorzien. Een voorbeeld van een blanco fiche xls (Rechts klikken > Opslaan als...) is bijgevoegd.

Wanneer afzonderlijke hoogactieve ingekapselde bronnen een fysische entiteit vormen en als dusdanig enkel in deze configuratie kunnen worden gebruikt en in normale omstandigheden enkel door de fabrikant in deelcomponenten kan worden gescheiden, is het opstellen van één enkele levensloopfiche voor deze entiteit toegelaten, mits akkoord van het Agentschap.

De periodieke verzending van fiches laat het Agentschap toe om te controleren of de exploitant nog bestaat, of hij nog weet dat hij houder is van een HAIB en dat hij dus verantwoordelijkheden en verplichtingen heeft inzake het beheer ervan. Als er geen fiches meer worden verzonden, laat dit vermoeden dat de bron niet meer behoorlijk wordt gecontroleerd (bijvoorbeeld dat de exploitant failliet is, dat hij het vergeten is, ...). Het Agentschap kan ook weten of de houder nog bestaat als de jaarlijkse taks voor de exploitatie van een geklasseerde inrichting nog wordt betaald.

 Terug naar boven

Samenvatting van het FANC voor exploitanten ten aanzien van gebeurtenissen die verband houden met de veiligheid


Opdat iedereen lessen zou kunnen trekken uit de gebeurtenissen op nationaal en internationaal niveau, zou het nuttig zijn om de gebeurtenissen met betrekking tot de veiligheid op te nemen in een centrale databank.

Het concept bestaat erin een beschrijving te geven van de gebeurtenis en de radiologische gevolgen ervan, en te bepalen welke lessen hieruit getrokken moeten worden. Het is in de eerste plaats een middel om te leren en kennis te delen. Als “gebeurtenis” wordt beschouwd elke situatie/anomalie of aaneenschakeling van situaties/anomalieën enz. die een “niet-beheerste” blootstelling of contaminatie veroorzaakt heeft of kan veroorzaken.

Het Agentschap dient de exploitanten van HAIB alle nuttige informatie te verstrekken met betrekking tot ongevallen en incidenten waarbij hoogactieve ingekapselde bronnen (en/of afgedankte bronnen) betrokken zijn. Deze informatie wordt gepubliceerd op de website van het FANC en/of rechtstreeks naar de betreffende exploitanten gestuurd.

 Terug naar boven



Laatste update
21/03/2017 - 11:40


Contact

 
 
 

INES

 


 printvriendelijk  Home

Copyright 2013 © - Wettelijke vermeldingen